S@les-standaard

De S@les-standaardberichten

De S@les-standaard voor de bouw bestaat uit de volgende onderdelen:
a) het bouwprocesmodel
b) berichtdefinities en uitwisselingsformaat
c) GS1-artikelcodering
d) Afspraken over het gebruik van de berichten

De standaards zijn beschikbaar voor:
1.artikel/prijslijst
2.order/bestelling
3.Orderbevestiging
4.Pakbon/vrachtbon/leverbon
5.Factuur



De S@les-standaard is ontwikkeld in samenwerking met GS1 Nederland. GS1 is behalve beheerder van de GS1-codesystematiek, ook beheerder van EDI-standaards voor diverse andere sectoren in Nederland. GS1 is onderdeel van GS1-international. www.gs1.nl

In de S@les/GS1 Technische Werkgroep wordt de S@les-standaard vastgesteld en worden wensen voor aanpassing of aanvulling besproken. U dient altijd te werken met de laatste of voorlaatste versie van de standaard. Als deelnemer van S@les in de Bouw kunt u aanschuiven bij de technische werkgroep. Alle gegevens en verslagen staan op een portal bij GS1 Nederland, die voor alle deelnemers toegankelijk is. Indien u toegang wilt hebben of deel wilt uitmaken van de werkgroep kunt u dit bekend maken bij het S@les-bureau.

XML-uitwisselingsformaat
XML (eXtensible Markup Language) is een taal waarmee betekenis en structuur aan gegevens kan worden toegekend. Hierdoor kunnen op XML gebaseerde elektronische (handels)berichten worden gedefinieerd en via internet worden verstuurd. Het is een veel toegepaste uitwisselingsformaat in alle sectoren in Nederland en buitenland.

Omdat XML een taal is en zelf geen richtlijnen geeft over de wijze waarop betekenis aan gegevens wordt toegekend zijn richtlijnen voor de toepassing van XML nodig. De richtlijnen staan in de S@les-standaard.

Tot begin 2000 jaar was Edifact het meest gebruikte uitwisselingsformaat. XML is echter veel flexibeler en vraagt geen extra investering in EDI-software. XML-software is op internet beschikbaar. Overigens kan de S@les-standaard ook in EDI worden uitgewisseld.

Voor de artikel/prijslijst is er naast XML ook een Excel-formaat beschikbaar. Dit is echter niet door ontwikkeld sinds 2004. De Technische Werkgroep heeft geadviseerd om integraal voor XML te kiezen.

GS1-codesystematiek
De GS1-codesystematiek (voorheen EAN-codesystematiek) is bekend van de streepjescode. De streepjescode is een weergave van een nummer, dat op de streepjescode vaak er onder staat vermeld. De streepjescode wordt gebruikt voor scannen. In de computer wordt vervolgens het nummer opgeslagen. De EAN-codesystematiek wordt wereldwijd door meer dan een miljoen bedrijven toegekend aan producten en adressen.



De GS1-artikelcode (GTIN) bestaat uit 13 cijfers. De code is wereldwijd uniek. De code wordt toegekend door de leverancier die het product op de markt brengt, de merkhouder. Door de GTIN worden logistieke eenheden gecodeerd. Dit betekent dat een product dat in dozen van 30 stuks wordt uitgeleverd een andere GTIN heeft dan een product dat in pallets van 12 dozen wordt uitgeleverd.
S@les-berichten en GTIN/GLN

In de S@les-berichten wordt het artikel weergegeven door een GTIN. Aan de GtIN hangt alle informatie, die wordt uitgewisseld. Zoals artikelen uniek worden geïdentificeerd door de GTIN, zo wordt adressen uniek geïdentificeerd door de GLN. Dit laatste is verplicht. Eveneens een 13-cijferig nummer. Deelnemers kunnen bij het S@les-bureau één of meer GLN’s aanvragen. S@les heeft een intermediairovereenkomst met GS1 Nederland, waardoor een blok GLN’s beschikbaar is voor de bouw en bouwtoelevering. Bedrijven, die zelf artikelen coderen met GTIN’s, dienen deze aan te vragen bij GS1 Nederland. www.gs1.nl

Communicatie wijze
Vooralsnog worden berichten uitgewisseld middels e-mail. Het bericht wordt als attachment meegegeven. Uiteraard zijn er andere, soms veiliger mogelijkheden om berichten uit te wisselen, zoals AS2, FTP. VAN. Hier is vooralsnog niet voor gekozen, omdat de markt daar nog niet rijp voor is en/of de kosten niet opwegen tegen de baten.